Alle vervoegingen van het werkwoord helpen

infinitivus - infinitiefinfinitive
helpen
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • help
 
  • help jij/je?
jij, je
  • helpt
u
  • helpt
hij
zij, ze
het
men
  • helpt
zij, ze
wij, we
jullie
  • helpen
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • hielp
zij, ze
wij, we
jullie
  • hielpen
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • geholpen
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • helpend
vertalingenglish translation
  • to help
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
doorhelpen
  • help door
  • helpt door
  • hielp door
  • hielpen door
doorgeholpen
    meehelpen
    • help mee
    • helpt mee
    • hielp mee
    • hielpen mee
    meegeholpen
      voorthelpen
      • help voort
      • helpt voort
      • hielp voort
      • hielpen voort
      voortgeholpen
        vooruithelpen
        • help vooruit
        • helpt vooruit
        • hielp vooruit
        • hielpen vooruit
        vooruitgeholpen
          weghelpen
          • help weg
          • helpt weg
          • hielp weg
          • hielpen weg
          weggeholpen
            afhelpen
            • help af
            • helpt af
            • hielp af
            • hielpen af
            afgeholpen
              uithelpen
              • help uit
              • helpt uit
              • hielp uit
              • hielpen uit
              uitgeholpen