Alle vervoegingen van het werkwoord zingen

infinitivus - infinitiefinfinitive
zingen
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • zing
 
  • zing jij/je?
jij, je
  • zingt
u
  • zingt
hij
zij, ze
het
men
  • zingt
zij, ze
wij, we
jullie
  • zingen
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • zong
zij, ze
wij, we
jullie
  • zongen
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gezongen
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • zingend
vertalingenglish translation
  • to sing
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
rondzingen
  • zing rond
  • zingt rond
  • zong rond
  • zongen rond
rondgezongen
    inzingen
    • zing in
    • zingt in
    • zong in
    • zongen in
    ingezongen
      loszingen
      • zing los
      • zingt los
      • zong los
      • zongen los
      losgezongen
        meezingen
        • zing mee
        • zingt mee
        • zong mee
        • zongen mee
        meegezongen
        • to sing along
        nazingen
        • zing na
        • zingt na
        • zong na
        • zongen na
        nagezongen
          toezingen
          • zing toe
          • zingt toe
          • zong toe
          • zongen toe
          toegezongen
            uitzingen
            • zing uit
            • zingt uit
            • zong uit
            • zongen uit
            uitgezongen
              voorzingen
              • zing voor
              • zingt voor
              • zong voor
              • zongen voor
              voorgezongen