Alle vervoegingen van het werkwoord stoten

infinitivus - infinitiefinfinitive
stoten
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • stoot
 
  • stoot jij/je?
jij, je
  • stoot
u
  • stoot
hij
zij, ze
het
men
  • stoot
zij, ze
wij, we
jullie
  • stoten
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • stootte
zij, ze
wij, we
jullie
  • stootten
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gestoten
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • stotend
vertalingenglish translation
  • to bump
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
opstoten
  • stoot op
  • stootte op
  • stootten op
opgestoten
    aanstoten
    • stoot aan
    • stootte aan
    • stootten aan
    aangestoten
      afstoten
      • stoot af
      • stootte af
      • stootten af
      afgestoten
        doorstoten
        • stoot door
        • stootte door
        • stootten door
        doorgestoten
          instoten
          • stoot in
          • stootte in
          • stootten in
          ingestoten
            neerstoten
            • stoot neer
            • stootte neer
            • stootten neer
            neergestoten
              omstoten
              • stoot om
              • stootte om
              • stootten om
              omgestoten
                openstoten
                • stoot open
                • stootte open
                • stootten open
                opengestoten
                  uitstoten
                  • stoot uit
                  • stootte uit
                  • stootten uit
                  uitgestoten
                    omverstoten
                    • stoot omver
                    • stootte omver
                    • stootten omver
                    omvergestoten