Alle vervoegingen van het werkwoord zuipen

infinitivus - infinitiefinfinitive
zuipen
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • zuip
 
  • zuip jij/je?
jij, je
  • zuipt
u
  • zuipt
hij
zij, ze
het
men
  • zuipt
zij, ze
wij, we
jullie
  • zuipen
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • zoop
zij, ze
wij, we
jullie
  • zopen
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gezopen
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • zuipend
vertalingenglish translation
  • to drink (a lot)
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
doorzuipen
  • zuip door
  • zuipt door
  • zoop door
  • zopen door
doorgezopen
    opzuipen
    • zuip op
    • zuipt op
    • zoop op
    • zopen op
    opgezopen