Alle vervoegingen van het werkwoord stijgen

infinitivus - infinitiefinfinitive
stijgen
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • stijg
 
  • stijg jij/je?
jij, je
  • stijgt
u
  • stijgt
hij
zij, ze
het
men
  • stijgt
zij, ze
wij, we
jullie
  • stijgen
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • steeg
zij, ze
wij, we
jullie
  • stegen
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gestegen
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • stijgend
vertalingenglish translation
  • to rise
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
afstijgen
  • stijg af
  • stijgt af
  • steeg af
  • stegen af
afgestegen
    instijgen
    • stijg in
    • stijgt in
    • steeg in
    • stegen in
    ingestegen
      meestijgen
      • stijg mee
      • stijgt mee
      • steeg mee
      • stegen mee
      meegestegen
        opstijgen
        • stijg op
        • stijgt op
        • steeg op
        • stegen op
        opgestegen
          uitstijgen
          • stijg uit
          • stijgt uit
          • steeg uit
          • stegen uit
          uitgestegen
            omhoogstijgen
            • stijg omhoog
            • stijgt omhoog
            • steeg omhoog
            • stegen omhoog
            omhooggestegen
              doorstijgen
              • stijg door
              • stijgt door
              • steeg door
              • stegen door
              doorgestegen