Alle vervoegingen van het werkwoord bergen

infinitivus - infinitief infinitive
bergen
presens - tegenwoordige tijd present tense
ik
  • berg
 
  • berg jij/je?
jij, je
  • bergt
u
  • bergt
hij
zij, ze
het
men
  • bergt
zij, ze
wij, we
jullie
  • bergen
imperfectum - verleden tijd past tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • borg
zij, ze
wij, we
jullie
  • borgen
participium - voltooid deelwoord past participle
  • geborgen
participium praesentis - onvoltooid deelwoord present participle
  • bergend
vertaling english translation
  • to store
  • to salvage
  • to take cover
infinitivus infinitief
infinitive
presens tegenwoordige tijd
present tense
imperfectum verleden tijd
past tense
participium voltooid deelwoord
past participle
vertaling engelse vertaling
english translation
opbergen
  • berg op
  • bergt op
  • borg op
  • borgen op
opgeborgen
  • to stow away
  • to stash
wegbergen
  • berg weg
  • bergt weg
  • borg weg
  • borgen weg
weggeborgen
  • to stow away
  • to stash