Alle vervoegingen van het werkwoord zweren

infinitivus - infinitiefinfinitive
zweren
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • zweer
 
  • zweer jij/je?
jij, je
  • zweert
u
  • zweert
hij
zij, ze
het
men
  • zweert
zij, ze
wij, we
jullie
  • zweren
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • zwoer
  • zweerde
zij, ze
wij, we
jullie
  • zwoeren
  • zweerden
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gezworen
  • gezweerd
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • zwerend
vertalingenglish translation
  • to swear
  • to vow
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
afzweren
  • zweer af
  • zweert af
  • zwoer af
  • zwoeren af
afgezworen
    samenzweren
    • zweer samen
    • zweert samen
    • zwoer samen
    • zwoeren samen
    samengezworen
    • to conspire