Alle vervoegingen van het werkwoord rijzen

infinitivus - infinitiefinfinitive
rijzen
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • rijs
 
  • rijs jij/je?
jij, je
  • rijst
u
  • rijst
hij
zij, ze
het
men
  • rijst
zij, ze
wij, we
jullie
  • rijzen
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • rees
zij, ze
wij, we
jullie
  • rezen
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • gerezen
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • rijzend
vertalingenglish translation
  • to rise
  • to increase
infinitivusinfinitief
infinitive
presenstegenwoordige tijd
present tense
imperfectumverleden tijd
past tense
participiumvoltooid deelwoord
past participle
vertalingengelse vertaling
english translation
oprijzen
  • rijs op
  • rijst op
  • rees op
  • rezen op
opgerezen
    uitrijzen
    • rijs uit
    • rijst uit
    • rees uit
    • rezen uit
    uitgerezen