Tegenwoordige tijd van het werkwoord ontschieten

infinitivus - infinitiefinfinitive
ontschieten
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • ontschiet
 
  • ontschiet jij/je?
jij, je
  • ontschiet
u
  • ontschiet
hij
zij, ze
het
men
  • ontschiet
zij, ze
wij, we
jullie
  • ontschieten