Tegenwoordige tijd van het werkwoord binnenbreken

infinitivus - infinitiefinfinitive
binnenbreken
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • breek binnen
 
  • breek binnen jij/je?
jij, je
  • breekt binnen
u
  • breekt binnen
hij
zij, ze
het
men
  • breekt binnen
zij, ze
wij, we
jullie
  • breken binnen
presens - tegenwoordige tijd - bijzinvolgordepresent tense
dat ik
  • binnenbreek
dat jij, je
  • binnenbreekt
dat u
  • binnenbreekt
dat hij
dat zij, ze
dat het
dat men
  • binnenbreekt
dat zij, ze
dat wij, we
dat jullie
  • binnenbreken