Alle vervoegingen van het werkwoord bezighouden

infinitivus - infinitiefinfinitive
bezighouden
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • hou bezig
  • houd bezig
 
  • hou bezig jij/je?
  • houd bezig jij/je?
jij, je
  • houdt bezig
u
  • houdt bezig
hij
zij, ze
het
men
  • houdt bezig
zij, ze
wij, we
jullie
  • houden bezig
presens - tegenwoordige tijd - bijzinvolgordepresent tense
dat ik
  • bezighou
  • bezighoud
dat jij, je
  • bezighoudt
dat u
  • bezighoudt
dat hij
dat zij, ze
dat het
dat men
  • bezighoudt
dat zij, ze
dat wij, we
dat jullie
  • bezighouden
imperfectum - verleden tijdpast tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • hield bezig
zij, ze
wij, we
jullie
  • hielden bezig
imperfectum - verleden tijd - bijzinvolgordepast tense
dat ik
dat jij, je
dat u
dat hij
dat zij, ze
dat het
dat men
  • bezighield
dat zij, ze
dat wij, we
dat jullie
  • bezighielden
participium - voltooid deelwoordpast participle
  • beziggehouden
participium praesentis - onvoltooid deelwoordpresent participle
  • bezighoudend
vertalingenglish translation
  • to keep busy