Tegenwoordige tijd van het werkwoord betrekken

infinitivus - infinitiefinfinitive
betrekken
Bol.com Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijdpresent tense
ik
  • betrek
 
  • betrek jij/je?
jij, je
  • betrekt
u
  • betrekt
hij
zij, ze
het
men
  • betrekt
zij, ze
wij, we
jullie
  • betrekken