Alle vervoegingen van het werkwoord achterstaan

infinitivus - infinitief infinitive
achterstaan
Outlet
Bol.com Algemeen
presens - tegenwoordige tijd present tense
ik
  • sta achter
 
  • sta achter jij/je?
jij, je
  • staat achter
u
  • staat achter
hij
zij, ze
het
men
  • staat achter
zij, ze
wij, we
jullie
  • staan achter
presens - tegenwoordige tijd - bijzinvolgorde present tense
dat ik
  • achtersta
dat jij, je
  • achterstaat
dat u
  • achterstaat
dat hij
dat zij, ze
dat het
dat men
  • achterstaat
dat zij, ze
dat wij, we
dat jullie
  • achterstaan
imperfectum - verleden tijd past tense
ik
jij, je
u
hij
zij, ze
het
men
  • stond achter
zij, ze
wij, we
jullie
  • stonden achter
imperfectum - verleden tijd - bijzinvolgorde past tense
dat ik
dat jij, je
dat u
dat hij
dat zij, ze
dat het
dat men
  • achterstond
dat zij, ze
dat wij, we
dat jullie
  • achterstonden
participium - voltooid deelwoord past participle
  • achtergestaan
participium praesentis - onvoltooid deelwoord present participle
  • achterstaand